Driekwart van de jongvolwassenen gebruikt AI, bij 75- tot 89-jarigen is het 8 procent
De Barometer Digitale Inclusie van de Koning Boudewijnstichting toont een grote leeftijdskloof in AI-gebruik. Daarbij is 39% van de 16- tot 74-jarigen digitaal kwetsbaar.
AI-ondersteund artikel — automatisch opgesteld en gecontroleerd op feiten. Transparantiemelding conform artikel 50 van de EU AI Act.
Het AI-gebruik in België loopt sterk uiteen per leeftijd. Volgens de Barometer Digitale Inclusie 2026 van de Koning Boudewijnstichting gebruikt 75% van de 16- tot 24-jarigen AI, tegenover 8% van de 75- tot 89-jarigen. De Koning Boudewijnstichting publiceerde de barometer op 10 september 2026; Newsmonkey en Goed Nieuws berichtten er op 2 oktober 2026 over.
Over alle burgers van 16 tot 89 jaar samen schrijft Newsmonkey dat ongeveer 42% het afgelopen kwartaal AI-tools gebruikte. Het is voor het eerst dat de barometer, een initiatief van de stichting, artificiële intelligentie als thema opneemt. De editie van dit jaar breidt de analyse ook uit tot 75- tot 89-jarigen, die eerder buiten beeld bleven.
De barometer meet ook hoe digitaal kwetsbaar mensen zijn. Op basis van gegevens uit 2025 is 39% van de Belgen tussen 16 en 74 jaar digitaal kwetsbaar, volgens de stichting. Bij de 75- tot 89-jarigen loopt dat volgens Goed Nieuws op tot 81%. De onderzoekers werken aan UCLouvain en de Universiteit Gent. Koen Ponnet (UGent) waarschuwt in Newsmonkey dat de kloof nieuwe vormen van sociale ongelijkheid kan veroorzaken.
Wat betekent dit voor Vlaanderen en België?
Een cijfer dat een heel land omvat, zegt niet hoe het er in jouw gemeente of organisatie uitziet. Toch levert de barometer een toets op voor wie een dienst met AI gaat bouwen: een chatbot als loket, een AI-assistent voor aanvragen. Als zo’n dienst de enige of de makkelijkste toegang wordt, dan zijn het precies de 75- tot 89-jarigen die buiten de boot kunnen vallen, want van hen gebruikt volgens de barometer maar 8% AI.
Voor overheden, zorginstellingen en bedrijven met oudere klanten is de vraag dus of er naast de AI-route een menselijk alternatief blijft bestaan. Wie AI inzet om kosten te besparen, doet er goed aan eerst na te gaan wie er daardoor afhaakt.